top of page
  • Jane Leusink

Dérive - Oefening 1, de plek bepaalt.

Gisteren, tijdens een van mijn zwerftochten door Stad kwam ik terecht op een begraafplaats die ik nooit eerder had bezocht. Per ongeluk. Achteraf bedacht ik dat ik eigenlijk bezig was met een dérive, en wel een oefendérive, een ongeplande opwelling of neiging tot zwerven, een drift als het ware.

De officiële dérive vindt aanstaande 5 februari plaats naar aanleiding van het boek Het is grijs en valt uit de lucht van tekstschrijver Nina van den Broek en beeldend kunstenaar Peter Dijk. Ik schreef er eerder op Facebook over. Het idee is afkomstig van kunstenaar Guy Debord (1931), de grondlegger van het situationisme, dat ook wel de laatste avant-gardebeweging van de twintigste eeuw wordt genoemd.


De plek waar je bent bepaalt.

Het was droog op de begraafplaats , maar vochtig, de plek ademde en zweette. Er was groen druipend takkenwerk, er waren donkergroene druipende stammen en aan de voeten van de bomen waren dikke lagen zacht, verend mos, ja, ook groen. Daartussen talloze, minuscule, ragfijne sprietjes van ontkiemende sneeuwklokjes, ze strekten zich uit over grote delen van de begraafplaats en het was een klus er zonder al te veel plattrappen tussendoor te schuifelen.

Maar het ging me, nu ik hier toch eenmaal was aanbeland, om interessante grafteksten.

De plek bepaalt en je houdt je bezig met waar je bent, daarom moet je eigenlijk met drie of vier mensen zijn. De dérive zou een remedie zijn tegen het monotone en voorspelbare karakter van het alledaagse leven. Als situationist dool je rond zonder plan of route, staat dan weer eens stil, loopt dan weer een stukje verder. Je flaneert eigenlijk. Debord schreef in 1956 Theory of the dérive en richtte in 1957 de Situationistische Internationale op. Bekend werd hij vooral door zijn boek La société du Spectacle, in het Nederlands vertaald als de Spektakelmaatschappij (1967). De beweging was gericht tegen het consumptief kapitalisme en had raakvlakken met dadaïsme en surrealisme. Het was een protestbeweging en sloot in het revolutiejaar 1968 naadloos aan op de studentenbeweging. Onnodig te zeggen dat de-plek-die-bepaalt vaak de kroeg bleek Bij mij dus de begraafplaats, daarna de hond.


ik maakte een paar foto's met min of meer interessante teksten.


Alle vlees is

als gras, en alle

heerlijkheid des

menschen is als een

bloem in het gras (1Petrus 1).




De bezoldiging der zonde

De dood is verslonden tot overwinning (1 Cor 15)


Ik bleek met een echter dérive bezig te zijn (hoewel in mijn eentje wat niet echt telt). Bij het verlaten van de begraafplaats kwam ik een hond tegen die tot mijn verbazing vertelde zestien jaar oud te zijn. Ze, het bleek een ze, zag eruit als een jaar of acht, negen. Natuurlijk vertelde ik over Hond, die er ook zo jong uit had gezien toen ze zeventien was en overleed. Dat bleek deze schat geen fijne gedachte te vinden.


Ik wilde op de terugweg bij Zondag een grote kop warme chocola drinken, maar kwam bij het plantsoen aangekomen compleet verkeerd uit. Tenen, benen en vingers waren inmiddels zo koud dat ik rechtstreeks op huis aan ging. Gelukkig was daar ook warme chocola.

bottom of page